Governance en onderwijskwaliteit

Vanuit verschillende perspectieven is onderwijs van belang voor de stabiliteit en voor de ontwikkeling van de samenleving. Onderwijs is niet alleen van belang voor het realiseren van individuele ontwikkeling, maar ook van de sociaal-economische doelstellingen van Nederland. Onderwijs is een maatschappelijk belang, waarop het toezicht langs verschillende kanten geregeld is. Het integrale toezicht op de governance en de onderwijskwaliteit van een instelling krijgt steeds meer aandacht en vraagt om professionalisering van alle betrokkenen.

Raad van toezicht

Uw Raad van Toezicht is voortdurend in beweging. Er komen andere spelers aan tafel, waardoor de dynamiek net even anders wordt dan daarvoor. Maar ook de verwachtingen van de leden zelf, van het bestuur, van de stakeholders en externe toezichthouders zijn aan verandering onderhevig. Naast het van oudsher vertrouwde toezicht op de financiën is er meer behoefte aan integraal toezicht. De kwaliteit van het onderwijs wordt een steeds belangrijker factor. Dat vraagt om een ander profiel van de toezichthouders.

Waar toezicht houden tot voor kort gezien werd als een relatief rustige activiteit op afstand, kunnen er door deze andere agendering én om diverse andere redenen, zwaarwegende toezichtthema’s de agenda gaan domineren.

Voor nieuwe leden is het wennen om de transformatie te maken van een pro-actieve medewerker of bestuurder, veelal gepositioneerd in het centrum van de organisatie, naar een meer beschouwende toezichthouder die niet als trekker, maar als de kritische volger opereert en zo werkt aan de permanente verbetering van het toezichtproces.

De balans tussen ‘afstand en nabijheid’ moet weer opnieuw worden vormgegeven, mede ingegeven door nieuwe vraagstukken betreffende good governance .

Het samenspel tussen de toezichthouders onderling en met de bestuurders, vraagt meer dan ooit om meer transparantie, helderheid en verantwoordelijkheid. Alleen dan kan je van ieders expertise optimaal gebruik maken en gezamenlijk tot de best mogelijke besluiten komen.

Toezichtkader

Binnen de Raad van Toezicht bestaat veelal de behoefte aan een permanente verbetering van het toezichtproces. Vragen die daarbij spelen zijn:

  • Is er goed zicht op de relevante risico’s?
  • Is er een evenwichtige balans tusseneen goed ingericht systeem van governance en control?
  • Heeft de RvT zich naast de meetbare informatie voldoende verstaan met de signalen die de raad bereikten?
  • Is er voldoende sprake van een gedeeld moreel kompas?
  • Is er voldoende betrokkenheid bij de organisatie, de stakeholders en de maatschappelijke omgeving, inclusief de externe toezichthouders?
  • Wordt de aanwezige kennis en talenten optimaal ingezet en wordt de werkgeversrol naar het bestuur op de goede wijze vervult?
  • Is het gebruikelijk om feedback te geven op elkaars functioneren en hoe kan je het benodigde klimaat daarvoor realiseren?

Vooral bij de jaarlijkse zelf-evaluatie komen dergelijke vragen naar voren en worden er nieuwe voornemens geformuleerd.

Voor een goede zelfevaluatie is het van belang dat je als RvT weet wat goed toezicht is voor jouw organisatie: welke criteria en normen zijn daar voor vast te stellen?

Een toezichtkader waarin dat wordt vastgelegd is erg behulpzaam.